Hoe zeevogels de productie van windturbines kunnen verhogen

Albatrozz heeft een technologie ontwikkeld om windturbines bij lagere snelheden elektriciteit te laten produceren. De kersverse start-up heeft zich laten inspireren door het gedrag van landende zeevogels.

 

Door de uiteinden van turbinebladen actief te laten oscilleren, wordt het laatste beetje energie uit de wind geperst. Daardoor kan de energieproductie met procenten omhoog, stelt Geert van Ek van RG Projecten, samen met de Rijksuniversiteit Groningen en EmpowerMi de oprichters van Albatrozz.

Voor welk probleem hebben jullie een oplossing gevonden?

“Over een heel jaar gaan windturbines regelmatig offline omdat de windsnelheid te laag is. Omdat het te weinig waait of omdat de turbines elkaars wind afvangen. Een doorsnee windturbine is ontworpen om op vol vermogen te draaien bij hogere windsnelheden. Op land zijn de windsnelheden de helft van het jaar lager dan vereist om het volledige vermogen te leveren. Op zee gebeurt dat iets minder vaak, maar ook daar gaat het om heel veel uren, zeker nu windparken dichter bij elkaar geplaatst worden. Hoe lager de windsnelheid, hoe minder elektriciteit ze produceren. Tot het moment dat de windturbine helemaal afschakelt, omdat er te weinig energie uit de wind te halen is om de aandrijflijn op gang te houden. Afhankelijk van het type windturbine gebeurt dit bij windsnelheden van 4,5 m/s of minder. Wij hebben een technische oplossing ontwikkeld om bij lagere windsnelheden vermogen te leveren dan normaal haalbaar is voor dat type turbine.”

 

Lees HIER verder


Metrotunnel als bron van warmte

Uit metrobuizen valt voldoende energie te winnen om een hele woonwijk van warmte te voorzien. Dat stellen onderzoekers van de Technische Hogeschool van Lausanne.

 

In ondergrondse trein- en metrobuizen heerst in de regel een constante, lage temperatuur. Maar wie aan het einde van de buis staat, voelt de warmte naar buiten stromen. Ingenieurs van het Laboratorium voor Bodemmechanica van de École Polytechnique Fédérale de Lausanne hebben berekend om hoeveel warmte het gaat en hoe die die is te oogsten zodat hij kan worden gebruikt om appartementen in de buurt te verwarmen of koeler te maken.

 

Zomer en winter

Het systeem dat de Zwitserse onderzoekers vervolgens ontwikkelden, werkt hetzelfde als een koelkast: de wanden van de metrobuizen worden bekleed met plastic leidingen waardoor een koudemiddel stroomt, of simpelweg water. De leidingen zijn verbonden met een warmtepomp. In de winter wordt koud water in de leidingen gepompt, dat er vervolgens aan het oppervlakte opgewarmd weer uitkomt. In de zomer gebeurt het tegenovergestelde: het koelere water dat er dan uit komt, kan worden gebruikt om woningen koeler te maken. Volgens de bedenkers heeft het systeem een levensduur van tussen de vijftig en honderd jaar, waarbij de pomp elke 25 jaar moet worden vervangen. De methode is goedkoop en kost weinig energie.

 

Energietunnel

In metrotunnels vindt op verschillende manieren warmteoverdracht plaats, schrijven de onderzoekers in het wetenschappelijke tijdschrift Applied Thermal Engineering. Wanneer een trein remt of optrekt, ontstaat er hitte die de omliggende atmosfeer opwarmt. Die warmere lucht vermengt zich met de overige lucht in de tunnel en met de warmte die van de grond en de wanden straalt.

Door die warmte op te vangen, maken we van metrotunnels 'energietunnels', schrijven de onderzoekers. Ze hebben hun model getest op een nieuwe metrolijn die in Lausanne wordt aangelegd en die het treinstation zal verbinden met de wijk Blécherette in het noorden.

CO2-besparing

'Als 50 tot 60 procent van de geplande route wordt voorzien van een opvangsysteem voor warmte, wat neerkomt op 60.000 vierkante meter tunneloppervlak, dan zou daar zoveel energie kunnen worden opgevangen dat 1500 standaardappartementen van het gas af kunnen', zegt onderzoeksleider Margaux Peltier  in een persbericht. Het model dat Peltier ontwikkelde, voorziet ook in de opslag van warmte die niet meteen nodig is. Met de methode kan de uitstoot van CO2 in de stad met 2 miljoen ton per jaar worden gereduceerd, zegt de onderzoeksleider.

 

Airconditioning

'De tunnel kan het hele jaar dienen als een zeer betrouwbare bron van warmte of juist koeling, via airconditioning', stelt Peltier. Volgens haar is zelfs de ijsbaan van de stad met het systeem op de juiste temperatuur te houden.  'Met deze publicatie wordt aangetoond dat energietunnels daadwerkelijk op grote schaal kunnen worden toegepast', zegt Lyesse Laloui, hoogleraar bodemwetenschappen. 'Nu is het afwachten of Zwitserse bedrijven bereid zijn de noodzakelijke vervolgstappen te zetten.'

 

Met dank aan De Ingenieur


Regionale aanpak voor toekomstgerichte industrie

Om een CO2-arme en circulaire economie te bewerkstelligen waar genoeg arbeidskansen liggen, is het noodzakelijk dat de Nederlandse industrie innoveert en bij de wereldtop gaat horen als het gaat om de energietransitie. Dit stelt de Sociaal Economische Raad (SER) in het ontwerpadvies 'Nationale klimaataanpak voor regionale industriële koplopers'.

De SER adviseert in dit rapport een goede mix van maatregelen waarmee de realisatie van de klimaatdoelen kan samengaan met gunstige werkgelegenheidseffecten. De kosten van de transitie moeten daarbij eerlijk worden verdeeld. Dat staat het op de website van Maakindustrie.

“Het is van groot belang dat de industrie haar internationale koppositie gaat inzetten om de energietransitie tot een succes te maken. Op deze manier kan de industrie een grote bijdrage blijven leveren aan werkgelegenheid en welvaart in ons land en tegelijkertijd de duurzaamheidsdoelen halen”, aldus Mariëtte Hamer, voorzitter van de SER.

Lees HIER verder


Corrosie voorkomen; meten met glasvezel kan helpen

In EuropoortKringen schreef Tindemans recent over isolatiematrassen. Samen met TNO is isolatiebedrijf C.J. van Waas/Econtrans bezig met het ontwikkelen van een technologie waarmee de oorzaken van corrosie onder isolatiemateriaal sneller kunnen worden opgespoord. De technologie is op kleine schaal al ontwikkeld en wil op grote schaal testen vervolgens uitrollen.


Foto van AChubykin

Download
20190718 Glasvezel meten.pdf
Adobe Acrobat document 2.0 MB

Wederom innovatie bij bouw offshore windparken

Van Oord en AdBm Technologies hebben het nieuwe AdBm geluidsmitigatiesysteem ontwikkeld en getest met ondersteuning van TNO. Dit Noise Mitigation System, afgekort NMS, reduceert onderwatergeluid dat vrijkomt bij het heien van windmolenfundaties op zee. Daardoor ervaren zeezoogdieren meer rust in de buurt van de bouwplaats. De testresultaten zijn positief. Daarom kan Van Oord de NMS inzetten op toekomstige offshore windparken, waaronder het windpark Borssele.

 

Uniek in zijn soort

De NMS gebruikt speciale akoestische resonatoren om heigeluid te verminderen. De resonatoren zijn door AdBm Technologies ontworpen en geproduceerd. Deze technologie target de specifieke frequenties die tot het meeste geluid leiden. Hiermee onderscheidt de NMS zich van bestaande systemen. Daarnaast hebben golven en stroming nagenoeg geen invloed op de NMS door het open en tegelijk robuuste design. Het design van de NMS is bij Van Oord in huis gerealiseerd. Het werkt alsof het jaloezieën zijn die eenvoudig omhoog en naar beneden gaan. Een subsidie van RVO en ondersteuning van TKI Wind op Zee maakten de ontwikkeling van dit innovatieve systeem en de gerelateerde tests mogelijk.

Stap vooruit bij bescherming onderwaterleven

De NMS is uitgebreid getest. Uit de resultaten bleek dat de NMS, in combinatie met een Big Bubble Curtain (BBC), voldoet aan de Nederlandse en Belgische norm voor geluidsemissie op zee. Daarmee zet Van Oord opnieuw een belangrijke stap bij het beschermen van onderwaterleven tijdens de bouw van offshore windparken. Tot slot zien de ontwikkelaars mogelijkheden om het systeem in de toekomst verder te optimaliseren.

 

Ingebruikname bij bouw windpark Borssele kavels 3, 4 en 5

Gezien de positieve testresultaten neemt Van Oord de NMS binnenkort in gebruik. Windpark Borssele krijgt de primeur. Dit offshorewindgebied ligt ongeveer 20 kilometer uit de kust van Walcheren. De NMS wordt toegepast bij de bouw van de kavels 3, 4 en 5. Deze voorzien na oplevering circa 850.000 huishoudens van duurzame energie.

 

Met dank aan de website van Van Oord


Hoe blauwe LEDs de wereld hebben veranderd

LED-lampen zijn een geweldige vondst: ze verbruiken veel minder energie dan gloeilampen en gaan aanzienlijk langer mee. In deze video van Bloomberg wordt uitgelegd waarom vooral de uitvinding van de blauwe LED door Japanse wetenschappers in de jaren ’90 een belangrijke sprong voorwaarts is geweest. Interessant.


Doorzichtig hout isoleert gebouwen veel beter dan glas

Onderzoekers van het Zweedse KTH Royal Institute of Technology bouwen verder op een ontdekking die we hier drie jaar geleden beschreven: doorzichtig hout. Door het natuurlijke materiaal te behandelen kan het licht doorlaten en krijgt het tegelijkertijd goede isolerende eigenschappen.

 

Dat maakt het doorzichtige hout zeer geschikt als bouwmateriaal, bijvoorbeeld als vervanger van glas. De nadelen van glas zijn namelijk groot: het materiaal isoleert slecht en is vrij kostbaar om te recyclen. Goed nieuws voor een wereld waarin we steeds duurzamer moeten gaan leven.


Greenchoice neemt grote opslagbatterij in Rotterdam in gebruik

Energieleverancier Greenchoice heeft één van de grootste opslagbatterijen van Nederland in gebruik genomen. Het systeem, bestaande uit zes zeecontainers, moet onder andere de verspilling van duurzaam opgewekte energie tegengaan.

 

De batterij bestaat uit zes grote zeecontainers en heeft een capaciteit van tien megawattuur. Door het gebruik van de zeecontainers, is de batterij verplaatsbaar.

Naast het tegengaan van energieverspilling, moet de batterij ook de balans op het energienet handhaven. Voor een stabiele energievoorziening is het belangrijk dat vraag en aanbod in balans zijn. Op dit moment worden kolen- en gascentrales gebruikt voor het handhaven van die balans. De komende jaren moeten in ieder geval de kolencentrales dicht. Daardoor wordt de rol van duurzaam opgewekte energie belangrijker.

 

Verspilling voorkomen

De batterij is geplaatst bij het Hartelkanaal in de Rotterdamse haven. Acht windturbines van Greenchoice wekken daar jaarlijks gemiddeld 68 gigawattuur aan energie op. Door de batterij kunnen de windturbines blijven draaien. Bij onvoldoende vraag worden windturbines nu nog uit de wind gedraaid, om een te groot aanbod van energie te voorkomen. “Met behulp van de batterijen kunnen we de windturbines draaiende houden. Zo voorkomen we dat duurzame energie wordt verspild. De windenergie kan in de batterijen worden opgeslagen en op een later tijdstip aan het energienetwerk worden geleverd”, zegt Maurice Koenen, manager Inkoop- en Portfoliomanagement bij Greenchoice.

 

Energie coördineren

Smart-grid technologiebedrijf Spectral ontwikkelde de besturingssystemen voor de batterijen. "Nu we de kolen- en gascentrales sluiten, zullen we miljoenen gedistribueerde energiesystemen, zoals zonne-energie op het dak, wind en batterijen, moeten coördineren om ervoor te zorgen dat elektriciteit kan worden geleverd in dezelfde mate van betrouwbaarheid die we gewend zijn”, legt Philip Gladek, CEO van Spectral, uit.

 

Toenemend gebruik

Het gebruik van opslagbatterijen neemt de laatste jaren fors toe. Onder andere festivals maken er steeds meer gebruik van. Analisten verwachten dat de prijs van opslagbatterijen de komende jaren verder daalt.

 

Met dank aan Duurzaambedrijfsleven


Windenergie met lamellen

Misschien herken je het wel als je zelf lamellen als raambekleding hebt: met het raam open kunnen ze zachtjes heen en weer waaien. Twee ingenieurs van het Amerikaanse leger lieten zich hierdoor inspireren voor een nieuw systeem om energie op te wekken. Samen met acht collega's ontwikkelden zij een systeem dat stroom opwekt bij windsnelheden die té gering zijn om de wieken van een traditionele windturbine te laten draaien.

Het prototype is voorzien van acht flexibele elektrische stroken die verticaal naast elkaar zijn gemonteerd en die aan de boven- en onderzijde aan PVC-buizen zijn bevestigd. Deze buizen kunnen worden gedraaid om de spanning van de stroken aan te passen.

 

De stroken bewegen onder een hoek zodat ze evenwijdig lopen met de windrichting. Net als de lamellen thuis voor het open raam, maken de stroken slangachtige beweging bij windsnelheden van minder dan 14 km/u . Terwijl ze dit doen, beweegt een koperen inductiespoel aan de onderkant van elke strip heen en weer langs een gladde, met magneten gevulde pijp die er horizontaal doorheen gaat. De beweging van de spoel tegen de magneten creëert een elektrische stroom, die naar een omvormer wordt geleid en van daaruit kan worden gebruikt om apparaten van stroom te voorzien of om batterijen op te laden.

Volgens TechLink, het centrum voor technologieoverdracht van het Amerikaanse Ministerie van Defensie, kan het systeem niet alleen worden gebruikt door troepen in het veld, maar kan het ook worden opgeschaald om stroom te produceren in regio's waar doorgaans geen sterke wind is . Bijkomend voordeel: omdat er geen windturbinebladen door de lucht zoeven, blijft de schade voor het milieu en vogels of vleermuizen tot een minimum beperkt. Momenteel wordt er gezocht naar een bedrijf dat de productie, toepassing of verkoop verder uit kan bouwen.

 

Dank aan Maakindustrie voor dit artikel


Het gezondste gebouw van Nederland – EDGE Olympic

EDGE Olympic, het bedrijfsverzamelgebouw aan de Amstelveense weg in Amsterdam heeft het WELL Core & Shell Platinum Certificaat behaald. Het gebouw haalde al het Energielabel A en BREEAM-NL score van 79,9%

Het certificaat is toegekend voor de positieve impact op de gezondheid en welzijn van zijn gebruikers. Het gebouw is het eerste in Nederland en de zesde in de wereld die het hoogste WELL certificaat heeft behaald.

 

Slim gebouw

Sinds de herbestemming is EDGE Olympic een belangrijk voorbeeld voor een nieuwe generatie van energie-efficiënte en slimme gebouwen. Het gebouw haalde al het Energielabel A en BREEAM-NL score van 79,9% voor zijn duurzaamheidsprestaties.

 

 

Gezondheid en welzijn

Internationaal WELL Building Institute (IWBI) kent de prestigieuze WELL Building Standard-certificering toe aan projecten die prioriteit geven aan de menselijke gezondheid en welzijn, gebaseerd op de prestaties binnen het gebouw van de volgende zeven categorieën: lucht, water, licht, voeding, fitness, comfort en geest.

 

Biophilic Design

De Core & Shell-certificering beoordeelt belangrijke elementen van de structuur en systemen binnen het gebouw. Afgestemd op toewijding van de opdrachtgever EDGE Technologies om gebouwen te realiseren die beter zijn voor mens en planeet, omvat EDGE Olympic slimme technologieën om de gezondheid, betrokkenheid en productiviteit van elke gebruiker te verbeteren.  Bijvoorbeeld door het gebruik van natuurlijke elementen in het interieur (Biophilic Design), een zorgvuldige meting van de luchtkwaliteit en natuurlijke omgevingsgeluiden. EDGE Olympic is een ontwerp van Pi de Bruijn en Eric van Noord van Architekten Cie.


Liander bespaart CO2 door temperatuur gas te verlagen

Energieleverancier Liander gaat de komende maanden de gastemperatuur verlagen in een groot aantal gasontvangststations. Hiermee wil het energiebedrijf CO2 en energie besparen.

 

De komende maanden wordt in bijna 200 zogeheten gasontvangststations de gastemeperatuur twee graden verlaagd. Bij de gasontvangststations komt het aardgas via het landelijke transportnetwerk van Gasunie binnen in het regionale netwerk van Liander. In de stations wordt het gas verwarmd voor het verder getransporteerd wordt. De temperatuur wordt op dit moment nog opgevoerd naar 5 graden.

Na onderzoek in Friesland en een praktijktest op Terschelling concluderen Gasunie en Liander dat een lagere temperatuur van 3 graden veel gas en CO2 kan besparen. De transportleidingen kunnen de verlaging aan; afnemers van gas merken er niets van. Door de temperatuur te verlagen, verwacht de netbeheerder jaarlijks 3 miljoen kubieke meter gas te besparen en 5.400 ton minder CO2 uit te stoten, omdat de verwarmingsketels minder hoeven te stoken.

 

Andere netbeheerders

De komende maanden wordt in 200 stations de temperatuur verlaagd. Gasnetbeheerder Gasunie heeft ongeveer 1.000 gasontvangststations in Nederland; die zijn eigendom van regionale netbeheerders als Liander, Stedin en Enexis. Met de andere netbeheerders wordt nog bekeken of de temperatuur in hun stations ook verlaagd kan worden.

 

Verduurzaming

Liander’s moederbedrijf Alliander wil in 2023 klimaatneutraal werken. In 2018 werd 288.000 ton CO2 uitgestoten. De netbeheerder compenseert CO2 door netverliezen te vergroenen. Een netverlies ontstaat bij het transport van energie en wordt gecompenseerd door energie in te kopen. Het vergroenen gebeurt door garanties van oorsprong aan te kopen bij energieleveranciers die windenergie  gaan leveren van windpark Borssele. Dit jaar investeert het bedrijf ruim € 800 miljoen in het energienetwerk.


Onno Dwars wint ABN AMRO Duurzame 50

Onno Dwars werd tijdens het Green Tie Gala 2019 bekroond tot winnaar van de prestigieuze ABN AMRO Duurzame 50 award. De top 3 werd verder gevormd door Yvette Watson (2) en Andy van den Dobbelsteen (3).

 

Het trio winnaars werd dit jaar op een bijzondere manier bekendgemaakt: door een vertegenwoordiging van de toekomstige generatie (op video) en de live aanwezigheid van een zoon van Dwars. Hij kreeg de ABN AMRO Duurzame 50 uitgereikt uit handen van Thomas Rau, de winnaar van de vorige editie. Dwars, directeur van Ballast Nedam Development, reageerde geëmotioneerd op zijn nummer 1-positie.

Dwars: “Ik voel mij schuldig, want wat wij allemaal doen en de weg die wij inslaan, gaat veel te langzaam.” Dwars sprak echter ook hoop uit ten aanzien van de inzet van de jongere generaties en van de effecten van de energietransitie. “Vooral de politiek moet veel harder en radicaler handelen. Iedereen moet in de spiegel kijken, en vooral de politiek. De tijd van goede bedoelingen is echt over. Neem het bouwbesluit. Het bouwen van huizen op die manier is een crimineel feit. De energietransitie kost geen geld, die gaat ons welzijn brengen en daar wil mij elke dag en nacht voor inzetten”, aldus Dwars.

 

Lees HIER verder

 


Eneco, Shell en Van Oord willen samen windpark op zee bouwen

Eneco, Shell en Van Oord willen gezamenlijk twee windparken voor de Hollandse kust bouwen, meldt het consortium woensdag. Eerder haalden deze bedrijven samen met Mitsubishi al de aanbesteding voor offshore windparken Borssele III en Borssele IV voor de Zeeuwse kust binnen.

 

Deze keer gaat het om de windparken Hollandse Kust III en Hollandse Kust IV, twee zones vlak bij het bestaande windpark Luchterduinen op ongeveer 20 kilometer voor de kust van Den Haag. De nieuwe windparken worden naar verwachting in 2023 in gebruik genomen en krijgen een vermogen van 760 megawatt. Omgerekend gaan de turbines net zo veel stroom produceren als één miljoen huishoudens per jaar verbruiken.

"De specifieke geografische ligging van Nederland is ideaal voor het opwekken van offshorewindenergie", schrijven de partijen in een persbericht. "Dit biedt wereldwijd concurrentievoordelen voor Nederland in termen van kosten, gespecialiseerde arbeidskrachten en exportmogelijkheden."

 

De windparken zijn onderdeel van de plannen voor vijf grote zones met windmolens voor de Hollandse en Zeeuwse kust. Gezamenlijk met de bestaande windparken moet hierdoor het vermogen van alle windmolens op zee groeien naar 4,5 gigawatt in 2023. Deze windmolens zijn een belangrijk onderdeel van de doelstelling om in 2023 16 procent van alle energie uit duurzame bronnen te halen.

 

Naast dit plan heeft de overheid een stappenplan om tussen 2024 en 2030 windmolens verder weg van de kust te laten bouwen in de zone IJmuiden Ver. Hier moet voor 4.000 megawatt aan windmolens komen.


Ruim 80% ervaart belemmeringen bij duurzaam ondernemen

Ruim acht op de tien ondernemers (84%) ervaart belemmeringen bij duurzaam ondernemen. Een van de redenen is dat veel ondernemers hun businesscase niet rond krijgen. Duurzaam ondernemen levert de meeste ondernemers voor nu met name persoonlijke voldoening op. Dat blijkt uit het onderzoek Duurzaam ondernemen dat KVK (Kamer van Koophandel).

 

Twintig procent van de ondernemers is in staat om concreet voordeel uit duurzaam ondernemen te halen, zoals meer klanten, lagere kosten of extra inkomsten. Een ander vijfde deel van de ondernemers zegt dat duurzaam ondernemen nog niets heeft opgeleverd. Ondernemers geven aan dat zij meer met duurzaam ondernemen zouden doen als dit kosten zou besparen, extra inkomsten zou opleveren, wet en regelgeving het zouden eisen, ze zich ermee zouden kunnen onderscheiden, klanten meer eisen zouden stellen en er een duidelijke marktvraag zou zijn naar duurzame producten en of diensten.

 

Het volledige bericht lees je HIER


Waterstofproject

Voor het eerst in Nederland wordt een installatie opgezet waarbij op een schaal van 1 Megawatt (MW) ervaring wordt opgedaan met de omzetting van duurzaam opgewekte elektriciteit in waterstof. EnergyStock en Gasunie New Energy zijn van plan om hiervoor bij Aardgasbuffer Zuidwending een pilotproject op te starten. Grootschalige productie van groene waterstof is noodzakelijk om de klimaatdoelen van 2050 te halen. In Nederland wordt dit zogenoemde principe van power-to-gas nauwelijks toegepast. We denken dat de aardgasbuffer hierin op termijn een belangrijk rol kan spelen en kan doorgroeien naar een energiehub.

Waarom waterstof?

Elektriciteit is moeilijk op te slaan in grote hoeveelheden. Er zijn nog nauwelijks accu’s die dat tegen redelijke kosten kunnen. Waterstof is een energiedrager die kan worden opgeslagen en die volop beschikbaar is. Het is, samen met zuurstof, het hoofdbestanddeel van water. Ze zijn van elkaar te scheiden met behulp van (duurzame) elektriciteit in een proces dat elektrolyse wordt genoemd. Deze groene waterstof wordt in de toekomst een belangrijke schone brandstof in een duurzame energievoorziening. Waterstof kan worden ingezet voor onder meer mobiliteit/vervoer, industrie en elektriciteitslevering.

 

Wat houdt het in?

Gasunie-dochters EnergyStock en Gasunie New Energy zijn van plan bij Aardgasbuffer Zuidwending een demonstratieproject te starten waarmee ervaring kan worden opgedaan met de omzetting van duurzaam opgewekte elektriciteit naar waterstof. Op de aarden wallen en de parkeerplaatsen rondom de installatie worden circa 12.000 zonnepanelen geïnstalleerd met een gezamenlijk vermogen van 2,4 MW. Hiervan is 1,4 MW bestemd voor de verduurzaming van de eigen energievoorziening van de installatie. 1 MW zal worden gebruikt om ervaring op te doen met de omzetting van groene stroom in groene waterstof. Daarvoor zullen op de installatie drie zeecontainers worden geplaatst. Zie de voorlopige artist impression hieronder. Eén container bevat een elektrolyser waarmee water wordt gesplitst in waterstof en zuurstof. De tweede bevat de benodigde elektronica en de derde een kleine compressor die vervolgens een van de opslag-cilinders vult met waterstof. Met deze zogenoemde tube trailers kan het waterstof worden vervoerd naar afnemers in bijvoorbeeld de mobiliteit en industrie.

 

Voor alle aanvullende informatie verwijzen wij u door naar HIER


Ahoy krijgt grootste zonnedak van Rotterdam

Eneco, Rotterdam Ahoy, gemeente Rotterdam en bouwcombinatie Ballast-Nedam/Heijmans hebben een overeenkomst getekend voor het realiseren van een slim thermisch grid en de aanleg van zonnepanelen op de daken van het nieuwe Rotterdam Ahoy Convention Centre en het bestaande Ahoy.

 

‘Er is een verschil tussen smart city projecten dóén en een smart city zíjn’

De aanleg van het slimme thermisch grid in en rondom Rotterdam Ahoy maakt onderdeel uit van het project Ruggedised dat wordt gesteund door de Europese Commissie. Eneco is de partij die de netwerken gaat aanleggen en ervoor gaat zorgen dat Ahoy op korte termijn gasloos wordt. Tevens gaat Eneco op Ahoy het grootste zonnedak van Rotterdam realiseren. Hans Peters, Chief Customer Officer Eneco: “Deze eerste overeenkomst zorgt voor een enorm mooie stap in het verduurzamen van het energiegebruik rondom Ahoy. Alleen al met deze eerste projecten bereiken we een reductie van 1422 ton CO2.”

Het project Ruggedised kent in totaal dertien projecten die allemaal toegepast worden in het ‘Hart van Zuid’ projectgebied. Projectdirecteur Hart van Zuid, Maarten Kokshoorn: “We bouwen met Hart van Zuid aan een sterk stuk stad dat de toekomst aankan. Ruggedised versterkt Hart van Zuid door op cruciale onderdelen nog duurzamer te worden.” De Europese Commissie ondersteunt de ontwikkeling van het Ruggedised programma met een miljoenensubsidie, afkomstig uit Horizon 2020, het grootste onderzoeks- en innovatieprogramma van Europa. Projectcoördinator Albert Engels: “Er is een verschil tussen smart city projecten dóén en een smart city zíjn. Het verschil zit ‘m in het leggen van verbindingen. Die zorgen ervoor dat 1 plus 1, niet 2 maar 3 wordt.”

 

Over Ruggedised

Het Smart City EU-programma Ruggedised is een samenwerkingsverband van zes Europese steden waarvan Rotterdam de coördinerende stad is. Ruggedised test en implementeert slimme oplossingen op het gebied van energie, transport en digitale technologie in grootschalige stedelijke proeftuinen om de weg te plaveien naar een slimmer en duurzamer Europa. Rotterdam heeft ervoor gekozen om van Zuid een ‘living lab’ te maken. De Europese Commissie ondersteunt de ontwikkelingen binnen Ruggedised gedurende vijf jaar met € 17,5 miljoen, hiervan is € 5,4 miljoen voor Rotterdam. De innovatieve technieken die uitgeprobeerd worden op Zuid zullen in de toekomst ook toepasbaar zijn in andere delen van de stad en zelfs ver buiten Rotterdam.


BASF maakt werk van energiemanagement door invoering ISO 50001

BASF Country Cluster Benelux is druk bezig met de invoering van ISO 50001. Deze norm beschrijft de eisen waaraan het energiemanagementsysteem moet voldoen. Met het systeem registreert en monitort BASF het gebruik van gas en elektriciteit. “Eind 2018 beschikken de acht locaties in de twee landen over het certificaat”, zegt Marno Dingenouts, site manager BASF in Boxtel en verantwoordelijk voor de invoering.

 

De ISO 50001-norm is voor BASF een kapstok om het energiemanagement op acht locaties op een gestructureerde manier vorm te geven. Hierbij gaat het in Nederland om Arnhem, Maastricht, De Meern, Boxtel, Heerenveen, Oosterhout en in België om Waterloo en Ham. Op deze locaties registreert en monitort BASF het gebruik van gas en elektriciteit met een energiemanagement-systeem. De gegevens slaat BASF op in een database om de prestaties met elkaar te kunnen vergelijken. “Net als bij andere ISO-normen, staat continu verbeteren ook in ISO 50001 centraal”, zegt Dingenouts

Lagere uitstoot

Goed energiemanagement leidt tot kostenbesparingen én een lagere uitstoot van broeikasgassen. Het verbeteren van de energie-efficiency (dus het verlagen van de hoeveelheid energie per ton product) staat al jaren hoog op de agenda van BASF. Dat heeft volgens Dingenouts twee redenen. “In de eerste plaats zijn wij een duurzaam en maatschappelijk betrokken bedrijf. Wij hebben het Responsible Care-programma ondertekend. Het wereldwijde initiatief van de chemiesector richt zich op het continu verbeteren van de prestaties op het gebied van veiligheid, gezondheid en milieu en transparant communiceren met stakeholders”. De tweede reden is het voldoen aan wet- en regelgeving. Zo heeft de Europese Commissie besloten dat in 2020 in Europa 20 procent minder energie moet worden gebruikt ten opzichte van 1990. “De ISO 50001-norm speelt hierop in door te eisen dat bedrijven relevante wet- en regelgeving goed inventariseren”, zegt Dingenouts.

 

Acties uitvoeren

BASF heeft voor de invoering van ISO 50001 een projectteam samengesteld. “In het team zitten de acht sitemanagers. Daarnaast heeft iedere locatie een energie-verantwoordelijke aangesteld die ook in het team zit. Verder is er per locatie een energieteam opgericht. Dit team kijkt per locatie welke acties het kan uitvoeren om aan de norm te voldoen.”

 
Dingenouts benadrukt dat er tussen de acht locaties verschillen bestaan. Zo heeft BASF Oosterhout sinds 2014 een CO2-prestatieladder certificaat van de Stichting Klimaatvriendelijk Aanbesteden& Ondernemen. De ladder geeft inzicht in hoe een organisatie omgaat met het beperken van CO2-uitstoot. In Heerenveen is er door aanpassing en vernieuwing van bestaande energie-installaties een jaarlijkse energiebesparing van 33 procent gerealiseerd. Ook in De Meern daalt het energieverbruik op termijn door de investeringen in efficiëntere installaties. Op locaties waar geen productie plaats vind, zoals Arnhem en Waterloo, speelt energie relatief een kleinere rol, maar ook hier wordt vooruitgang geboekt. Dingenouts benadrukt dat het nog te vroeg is om absolute getallen voor energiebesparing vast te stellen. “Wij zijn nu vooral bezig om de mogelijkheden om nog meer energie te besparen in kaart te brengen.”

 

Met dank aan Oppervlaktetechniek


Innovatieve warmteconcepten bieden kansen voor de warmtetransitie

Lagetemperatuuraardwarmte (LTA) en het Mijnwater-concept (MW) zijn twee innovatieve en relatief onbekende verwarmingsconcepten die potentieel een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de warmtetransitie in Nederland.

Dit blijkt uit een onderzoek naar de mogelijkheden van deze concepten, dat door CE Delft en IF Technology in opdracht van TKI Urban Energy en RVO.nl is uitgevoerd. Beiden gebruiken warmtenetten op lage temperatuur en oogsten warmte uit de ondergrond of de wijk zelf. Bij het Mijnwater-concept wordt daarbij gewerkt met een smart thermal grid met ondergrondse buffering.

 

De kennis over deze twee innovaties is nog beperkt. De concepten worden op dit moment elk op één locatie door één partij uitgevoerd. Dat heeft geleid tot de vraag of deze ook elders in Nederland ontwikkeld kunnen worden. Het onderzoek geeft daarvoor inzicht in de eigenschappen, belemmeringen en kansen van deze lagetemperatuuropties in Nederland. Ook bevat het een potentieel-schatting van de (aanzienlijke) mogelijkheden die de opties afzonderlijk te bieden hebben.

 

Lagetemperatuuraardwarmte blijkt volgens het onderzoek op heel veel plekken in Nederland mogelijk, ook daar waar reguliere geothermie (nog) geen optie is. Ook het Mijnwater-concept is op veel plekken in Nederland mogelijk. De buffering kan zowel bovengronds als ondergronds gerealiseerd worden, waarbij een mijn niet noodzakelijk is. Een smart thermal grid zoals Mijnwater maakt slim gebruik van de vraag naar warmte én koude en stemt aanbod en vraag op pand en gebiedsniveau nauw af. Zij kan daarbij anticiperen op weers- en vraagprofielen. De concepten kunnen afzonderlijk en in combinatie met elkaar worden toegepast. Bovendien kunnen beide concepten op een kleinschaliger niveau worden geïmplementeerd, dan gangbaar is bij hogetemperatuurwarmtenetten (HT-netten).

 

Deze concepten en hun onderdelen hebben de potentie de volgende stap te vormen in het verduurzamen van de huidige HT-warmtenetten en in het aardgasvrij maken van de stedelijke omgeving.

 

Meer lezen? Download het rapport HIER

 


Proef met waterstof batterij bij Nuoncentrale

Bij de Magnum-centrale van energiebedrijf Nuon komt een proef met de battolyser, een apparaat dat zowel stroom kan opslaan als waterstof produceren. Met een capaciteit van 60 kWh gaat het om een demonstratieproject.

Het bijzondere van de battolyser is dat hij twee functies combineert: opslag van elektriciteit en het maken van waterstof middels elektrolyse. Fokko Mulder, hoogleraar aan de TU Delft, ontwikkelde het apparaat om een dilemma in de duurzame elektriciteitsvoorziening te slechten. ‘In de discussie over de opslag van duurzame energie gaat de ene keer de voorkeur uit naar batterijen, de andere keer naar de omzetting in waterstofgas. Elk op zich is het net niet’, vertelde hij eind 2016 in De Ingenieur toen hij de eerste battolyser werkend had gekregen. ‘Je hebt namelijk heel veel batterij nodig om alle piekstroom op te slaan. En bij de productie van waterstof is het probleem dat de installatie alleen rendeert tijdens die piekstroom, wat over een jaar genomen weer te weinig is om de installatie terug te verdienen. Verder is batterijopslag vooral voor de korte termijn, en waterstof veel meer voor seizoensfluctuaties.’
Opschaling

De oplossing is de combinatie van beide in één apparaat: de battolyser dient als batterij en als die vol is schakelt het apparaat vanzelf over op de productie van waterstofgas.

 

Bij de Magnumcentrale komt nu een eerste demonstratieproject van 60 kWh. Het is mogelijk gemaakt door een subsidie uit het Waddenfonds van 480.000 euro. Daarnaast dragen Nuon en kunstmestfabrikant Yara bij aan de ontwikkeling van het apparaat. Eerder vormden de TU Delft en Proton Ventures, een bedrijf dat is gespecialiseerd in energie-opslag, een samenwerkingsverband.

 

De battalyser komt begin volgend jaar in bedrijf en zal vervolgens uitgebreide tests ondergaan. Zijn de resultaten goed, dan volgt verdere opschaling naar 1 of 10 MWh.

 
Meer dan een eeuw

De elektroden van de batterij bestaan uit ijzer en nikkel met een kaliumhydroxideoplossing als elektrolyt. Mulder: ‘Nikkel-ijzer­batterijen bestaan al meer dan een eeuw. Ze zijn heel robuust, maar hebben de strijd vroeger verloren met loodaccu’s.’ Daarbij speelde mee dat de batterij waterstof produceert; indertijd was dat ongewenst verlies. ‘Die eigenschap benutten wij nu juist volop.’ Tijdens het opladen ontstaat gereduceerd ijzer en nikkeloxide-hydroxide. Dat zijn twee materialen die in de elektrolysewereld bekend staan als geschikte katalysatoren voor de productie van waterstof.

 
Hogere efficiëntie

Om duurzaam opgewekte stroom te benutten heeft de battolyser volgens Mulder een duidelijk voordeel. ‘De batterijfunctie is voor het snel terugleveren van stroom het meest efficiënt. Vervolgens kiest de batterij de minder efficiëntie optie: omzetting van stroom in waterstofgas door elektrolyse.’ Dat kan dan worden opgeslagen om er weer elektriciteit mee te maken, of om die te gebruiken als transportbrandstof en voor industriële processen. Die elektrolyse gebeurt overigens met een efficiëntie tot 90 %. ‘Dat is relatief hoog’, aldus Mulder.

 

Met dank aan De Ingenieur


Besparen van Perslucht

Deze film laat zien dat vele praktische keuzes voor gebruik van perslucht (uit de tijd dat energie niet duur was) tezamen kunnen leiden tot een kosteneffectief te verbeteren situatie (nu energie wel duur is); lagere (energie)kosten, en een schoner en betrouwbaar proces.


Energiebesparing biedt Onderhoudssector kansen!

De Nederlandse Onderhoudssector kan een belangrijke bijdrage leveren aan het halen van de doelstellingen die in het Energieakkoord zijn vastgelegd.
In haar Visiedocument "Maintenance for Energy" geeft branchevereniging de Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud (NVDO) uit Houten aan waar de kansen en bedreigingen liggen.

Meer hierover lazen wij voor u in EuropoortKringen.

 

Download
Energiebesparing.pdf
Adobe Acrobat document 1.1 MB